Wat zegt de kunstenaar over zichzelf?

Ondanks mijn opleiding aan het Technicum en de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten, beide te Antwerpen, voel ik mij - wars van alles wat Ó la mode is - een artistiek autodidact die, met respect voor ons cultureel erfgoed, vooruitkijkt. Tevens ben ik een christelijk-religieus ge´nspireerde, die rotsvast gelooft in een zending, een romanticus in de zuivere zin van het woord.
Mijn kunst heeft niets met het gedoodverfde academisme te maken. Ik heb gewerkt met respect voor het evolutief denken en kunnen vanaf de kunst van Lascaux tot Ensor, Masereel, Permeke, Van de Woestijne en Delvaux.

Na de hoger vermelde aankopen door de prentenkabinetten van Antwerpen en Brussel en door de Belgische Staat heeft de Gemeente Schoten in 1992 mijn grootste olieverfschilderij: het triptiek Ite, Missa est aangekocht. Het betreft een magisch-religieus werk, ge´nspireerd op het Centraal Station van Antwerpen en dat van Brussel. Dit schilderstuk is - samen met de 'Donatie J.M. Legrand' - dagelijks te bekijken in het Schotense Gemeentehuis.

Ite, Missa est was in 1979 half voltooid toen ik door een hartaanval werd getroffen. Ik heb het pas - na mijn herstel - in 1981 kunnen voltooien. Dit werk is ook mijn laatste olieverfschilderij geworden. Er had immers, zoals RenÚ Turkry het destijds zo mooi verwoordde, "... een metamorfose van nijdas in lichtzoeker in zijn leven plaats. Aan dat hartinfarct hield hij tenslotte een herwonnen vrede over. De vernieuwde visie vroeg echter om een aangepaste techniek. De zachtere materialen, eerst houtskool en dan vooral soft pastel, bleken het meest adequaat."
Hoewel ik tussen mijn pastelschilderijen door toch nog regelmatig met diverse materialen blijf tekenen, is de gedrukte grafiek vanaf toen uit mijn oeuvre verdwenen.
Mijn echtgenote Ria van Loon is mij - na zeven jaren moedige, maar ongelijke strijd - in 1997 naar het eeuwige leven voorgegaan.

Terzelfder tijd was ook de behoefte om mij literair uit te drukken sterk toegenomen. Naast artikels in diverse tijdschriften, waarin kunst, geschiedenis en religie hand in hand gaan, schrijf ik ook poŰzie en poŰtisch proza.
Vanaf 1990 tot op heden publiceerde ik in eigen beheer 34 boeken, waaronder becommentarieerde catalogi van mijn schilder- en tekenwerk, gedichten, gebundelde autobiografische- en doorleefde reisverhalen.
Bij al deze activiteiten is mijn vrouw, Hilde Van Nuffelen, met wie ik 2013 huwde, mijn grote hulp en toeverlaat.

Ik schuw het licht
dat aan mijn beelden vreet.
Achter grijs gordijn
zullen zij wachten
om eens
tot elke prijs
te getuigen
van mij,
zonder voorspraak
of jammerklachten.
Nog voor ik
mijn laatste adem laat
bezweer ik:
alleen mijn beelden
mogen spreken!